<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
		xmlns:itunes="http://www.itunes.com/dtds/podcast-1.0.dtd"
	xmlns:media="http://search.yahoo.com/mrss/"
>

<channel>
	<title>Evangelisch-Lutherse Kerk Haarlem-Beverwijk &#187; Kerk en internet</title>
	<atom:link href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/category/kerk-en-internet/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl</link>
	<description>Website van de Evangelisch-Lutherse Gemeente Haarlem-Beverwijk.</description>
	<lastBuildDate>Tue, 07 Feb 2012 20:22:31 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-nl</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.3.1</generator>
	<copyright>(c) 2010 ELG Haarlem. Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 3.0  http://creativecommons.org/licenses/by-nc-sa/3.0/nl/</copyright>
	<managingEditor>info@luthersekerkhaarlem.nl (Evangelisch-Lutherse Kerk Haarlem-Beverwijk)</managingEditor>
	<webMaster>info@luthersekerkhaarlem.nl (Evangelisch-Lutherse Kerk Haarlem-Beverwijk)</webMaster>
	<category>Christianity</category>
	<ttl>1440</ttl>
	<image>
		<url>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/plugins/podpress/images/powered_by_podpress.jpg</url>
		<title>Evangelisch-Lutherse Kerk Haarlem-Beverwijk</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl</link>
		<width>144</width>
		<height>144</height>
	</image>
	<itunes:subtitle></itunes:subtitle>
	<itunes:summary>Website of the Evangelical Lutheran Church in Haarlem</itunes:summary>
	<itunes:keywords></itunes:keywords>
	<itunes:category text="Society &#38; Culture" />
	<itunes:author>Evangelisch-Lutherse Kerk Haarlem-Beverwijk</itunes:author>
	<itunes:owner>
		<itunes:name>Evangelisch-Lutherse Kerk Haarlem-Beverwijk</itunes:name>
		<itunes:email>info@luthersekerkhaarlem.nl</itunes:email>
	</itunes:owner>
	<itunes:block>no</itunes:block>
	<itunes:explicit>no</itunes:explicit>
	<itunes:image href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/plugins/podpress/images/powered_by_podpress_large.jpg" />
		<item>
		<title>Kerk en internet</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet-2/</link>
		<comments>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet-2/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 09 Oct 2011 19:21:14 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Webredactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kerk en internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.luthersekerkhaarlem.nl/?p=9615</guid>
		<description><![CDATA[Als reactie op de Gouden Webfish 2010 kwam begin 2010 een felicitatie binnen van de webmaster van een andere gemeente, die enthousiast mailde dat in zijn gemeente ‘ook geen plaatjes van kerkgebouwen op de homepage’ staan. Dat sloeg op de volgende passage uit het juryrapport: ‘In tegenstelling tot veel websites van plaatselijke gemeenten zien we [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Als reactie op de <a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/gouden-webfish-award-2010/">Gouden Webfish 2010</a> kwam begin 2010 een felicitatie binnen van de webmaster van een andere gemeente, die enthousiast mailde dat in zijn gemeente ‘ook geen plaatjes van kerkgebouwen op de homepage’ staan. Dat sloeg op de volgende passage uit het juryrapport: ‘In tegenstelling tot veel websites van plaatselijke gemeenten zien we hier feestelijke foto’s. Er zijn zowaar mensen in beeld!’ In alle reacties (dank daarvoor) die we de afgelopen weken mochten ontvangen is dat het punt dat het vaakst wordt genoemd.</p>
<p>Waarom zijn er dan zo veel kerken waar je diep in de website moet graven voor een ‘menselijk gezicht’? Een korte rondvraag leert dat er verschillende redenen voor kunnen zijn:</p>
<p><img class="alignleft" style="margin-right: 20px;" title="Gezicht op internet" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/foto.jpg" alt="" width="222" height="500" /></p>
<ul>
<li><strong>Geen fotomateriaal beschikbaar.</strong> Dat is natuurlijk eenvoudig te verhelpen.</li>
<li><strong>Ongemak met het fotograferen van anderen.</strong> Kan een horde zijn om het vorige punt op te lossen. Maar er zijn altijd wel mensen die geen enkele schroom hebben.</li>
<li><strong>Privacykwesties.</strong> Het is altijd raadzaam om mensen die niet op een foto op internet willen staan, serieus te nemen. Foto en video zijn hele zichtbare media als het om privacy gaat. Zo zijn er kerkelijke gemeenten die om privacyredenen al hun foto’s afschermen van het openbare deel van de website, maar wel (!) het kerkblad met alle persoonlijke mededelingen (overlijdens, zieke gemeenteleden, verhuizingen) als download aanbieden. Het helpt om foto’s te nemen waar veel mensen op te zien zijn. Dan staan individuen minder centraal.</li>
<li><strong>Niet aan gedacht. </strong>Dat kan op twee manieren. Ofwel er is helemaal niet aan gedacht om foto’s van mensen te plaatsen. Ofwel er is niet aan gedacht om foto’s van mensen op te nemen in de basisopmaak van de website. Er zijn bijvoorbeeld wel allerlei digitale fotoalbums van vieringen en gemeenteuitjes, maar in de standaardopmaak van de website zijn alleen gebouwen en voorwerpen te zien.</li>
</ul>
<p>Het laatste punt verraadt dat er een (vastgeroest, onbewust) beeld in de weg zit van wie of wat de kerk is en waaraan de kerk te herkennen is. Lees: een gebouw of een fysieke plek van samenkomst. Maar de Bijbel vertelt dat God zijn kerk bouwt met levende stenen en met Jezus Christus als levende hoeksteen (<a href="http://www.biblija.net/biblija.cgi?m=1+Petr+2%3A4-5&amp;id42=0&amp;id18=1&amp;pos=0&amp;l=nl&amp;set=10">1 Petrus 4-5</a>). Met mensen en niet met dode materie. De kerk is eerst en vooral een geloofsgemeenschap van mensen met een verhaal én met een persoon.</p>
<p>Het plaatsen van foto’s van mensen als welkomstbeeld op deze website is een zichtbare poging om de kerk als gemeenschap van mensen meer op de voorgrond te zetten. Maar, hoe zichtbaar ook, het is nadrukkelijk slechts een eerste stap. Hoe de kerk als gemeenschap van mensen aanwezig kan zijn op internet en van het internet gebruik kan maken is en blijft een zoektocht. Op deze website kunnen gemeenteleden bijvoorbeeld allemaal ‘meebloggen’ en kan iedereen reageren op wat er geplaatst wordt. Maar ontmoet de bezoeker op deze website daarmee ook echt een gemeenschap? De website zou echter nog veel sterker het karakter van een ‘communityplatform’ kunnen krijgen, met bijvoorbeeld persoonlijke profielen. Drie pijlers zijn er om als kerk op internet mee aan de slag te gaan, maar kerken blijven (te) vaak bij de eerste blijven hangen: <em>Zenden</em>, <em>Verbinden</em> en <em>Converseren</em>. Een aantal gedachten daarover verschenen in mei 2010 op deze website. De complete reeks staat hieronder in de aanloop naar de <a href="http://www.webfishawards.nl">Webfish Awards</a> van 2011 nog eens opgesomd. Voel je nog steeds vrij om mee te denken en mee te praten!</p>
<ul>
<li><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet/">Kerk en internet</a></li>
<li><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-1-wie-is-de-kerk-op-internet/">Stap 1: Wie &#8211; en niet wat &#8211; is de kerk op internet? </a></li>
<li><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-2-zenden-jezelf-presenteren-op-internet/">Stap 2: Zenden: jezelf presenteren op internet</a></li>
<li><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-3-verbinden-zichtbare-connecties-met-anderen/">Stap 3: Verbinden: zichtbare connecties met anderen</a></li>
<li><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-4-converseren-moeilijk-woord-voor-meekletsen/">Stap 4: Converseren: moeilijk woord voor meekletsen</a></li>
<li><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/tips-en-links-voor-webmasters">Tips en links voor webmasters</a></li>
</ul>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet-2/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Tips en links voor webmasters</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/tips-en-links-voor-webmasters/</link>
		<comments>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/tips-en-links-voor-webmasters/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 10 May 2010 06:01:54 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Martijn Arnoldus</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kerk en internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.luthersekerkhaarlem.nl/?p=4141</guid>
		<description><![CDATA[« Terug naar Stap 4&#124; Converseren &#8211; moeilijk woord voor meekletsen Webmasters van kerken leiden over het algemeen een eenzaam bestaan. In veel kerken zijn er één of twee internethobbyisten die de website van de kerk onderhouden. Die hebben een stevige taak te volbrengen: mensen enthousiast maken, plannen en concepten uitdenken, ontwerpen maken en bouwen, [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-4150" title="gebaseerd op: Anne Helmond, CC-BY-NC-SA" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg" alt="" width="590" height="166" /></a></p>
<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-4-converseren-moeilijk-woord-voor-meekletsen/">« Terug naar Stap 4| Converseren &#8211; moeilijk woord voor meekletsen</a></p>
<p>Webmasters van kerken leiden over het algemeen een eenzaam bestaan. In veel kerken zijn er één of twee internethobbyisten die de website van de kerk onderhouden. Die hebben een stevige taak te volbrengen: mensen enthousiast maken, plannen en concepten uitdenken, ontwerpen maken en bouwen, content produceren, kerkenraden overtuigen, modereren… Gelukkig bestaan er op al die verschillende terreinen online bronnen en communities, die het bestaan van de webredacteur iets gemakkelijker maken.</p>
<p>Ik heb daarom in deze reeks blogposts geen praktische tips opgenomen over bijvoorbeeld webdesign, technisch ontwerp of aspecten van online communicatie. Anderen kunnen dat veel beter. Ik ben geen webontwikkelaar, maar hoogstens iemand die begaan is met de manier waarop de kerk zichzelf en de wereld kan bereiken in de postmoderne, digitale tijd waarin we leven.</p>
<p>Geen praktische tips dus, maar wel een lijstje met links naar tips en communities die interessant kunnen zijn voor iedereen die praktisch aan de slag wil met de kerk op internet.</p>
<h3>Kerk en internet (Nederlands)</h3>
<ul>
<li><a href="http://christiaanlustig.wordpress.com/">Christiaan Lustig</a> (consultant Interactieve Media bij de EO) blogt over kerk en nieuwe media, en geeft tal van praktische tips over hoe mensen internet gebruiken.</li>
<li><a href="http://www.creatov.nl/">Creatov</a>. Weblog van Wouter van der Toorn, media-innovator bij Agapè Nederland.</li>
<li><a href="http://fatherroderick.sqpn.com/category/catholic-new-media/">Father Roderick Vonhögen</a>. Rooms-Katholieke priester die regelmatig over kerk en nieuwe media blogt.</li>
<li><a href="http://www.ikonrtv.nl/webfish/">IKON Webfish Awards</a> webtips van Peter Dekker, hoofd Nieuwe Media bij de IKON.</li>
<li><a href="http://www.imission.nl/">iMission</a>. Ning netwerk rond het minisymposium Geloofwaardige Sociale Media van de Evangelische Omroep.</li>
<li><a href="http://internetspiritualiteit.ning.com/">Internetspiritualiteit ning</a>. Community voor professionals op het terrein van geloof en internet.</li>
<li><a href="http://www.isidorusweb.nl/">Isidorusweb</a>. Initiatief van Eric van den Berg. Heel veel informatie, dus even zoeken naar de bronnen over kerk en internet.</li>
<li><a href="http://josdouma.wordpress.com/category/internet/">Jos Douma</a>, predikant in Haarlem, deelt gedachten over kerk en internet op zijn weblog.</li>
<li><a href="http://kerk20.ning.com/">Kerk 2.0 ning</a>. Community voor cursisten en ex-cursisten van ‘Internet voor professionals in de kerk’ van Boele en Heleen Ytsma (ChurchLab).</li>
<li><a href="http://www.kerkenwereld.nl/nl/doc.phtml?p=Kerk+en+Wereld+Lezing+2009">Kerk en Wereld lezing 2009</a> over Kerk zijn op het Web?! met video en verslag.</li>
<li><a href="http://www.kerkophetweb.nl/">Kerk op het web</a>. Initiatief van Leonie Brok, Stichting Leve de Kerk. Met voorbeelden en praktische tips.</li>
<li><a href="http://www.kerkophetnet.nl/">Kerk op het net.</a> Bezinning over de relatie tussen kerk en internet van Lars Grijsen.</li>
<li><a href="http://marketingindekerk.nl/">Marketing in de kerk</a>. Over de toepasbaarheid van marketing in de kerk.</li>
<li><a href="http://www.mediareligiecultuur.nl/">Media, religie en cultuur</a>. Webmagazine.</li>
<li><a href="http://www.navida.nl">Navida</a>. Stichting die zich toelegt op internetevangelisatie.</li>
<li><a href="http://blog.ontheway.nl/category/netwerkkerk/">On the way</a>. Weblog van Johannes van den Akker met ideeën over de netwerkkerk.</li>
<li><a href="http://www.zoekendgeloven.nl/">Zoekendgeloven</a>. Weblog van Boele Ytsma, initiatiefnemer van ChurchLab.</li>
</ul>
<h3>Kerk en internet (Engels)</h3>
<ul>
<li><a href="http://www.beyondrelevance.com/">Beyond Relevance</a>. Wat als Starbucks de marketingstrategie van de kerk zou gebruiken?</li>
<li><a href="http://www.churchmarketingsucks.com/">Church Marketing Sucks</a>. Weblog van het Amerikaanse Center for Church Communication. Prikkelende kijk op alle aspecten van communicatie binnen en door de kerk.</li>
<li><a href="http://churchtechtoday.com/">Church Tech Today</a>. Weblog van de Amerikaanse Lauren Hunter, over het gebruik van nieuwe (digitale) technologie door de kerk.</li>
<li><a href="http://blog.ourchurch.com/church-website-tips/">Church website tips</a> van Ourchurch.com.</li>
<li><a href="http://www.internetevangelismday.com/">Internetevangelismday</a>. Amerikaans initiatief rond evangelisatie via het web. Portal met veel tips en links.</li>
<li><a href="http://healyourchurchwebsite.com/">Heal your church website</a>. Particuliere weblog rond kerk en internet.</li>
<li><a href="http://vimeo.com/10363330/">Social media and the church</a>. (Audio-opname op Vimeo) Inleiding in social media door Keith Anderson, voorganger van Lutheran Church of the Redeemer in Woburn, MA.</li>
<li><a href="http://creativefusionmedia.wordpress.com/2008/07/28/best-of-church-social-media-and-ministry-20-resources/">Web 2.0 tools</a> voor kerken op Creative Fusion Media.</li>
<li><a href="http://www.elca.org/Who-We-Are/Our-Three-Expressions/Churchwide-Organization/Communication-Services/Resources/Web-Ministry.aspx">Web Ministry</a>. Tips en resources voor pastoraat via het web. Van ELCA, de Evanglisch-Lutherse kerk in de VS.</li>
</ul>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/tips-en-links-voor-webmasters/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Stap 4&#124; Converseren &#8211; moeilijk woord voor meekletsen</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-4-converseren-moeilijk-woord-voor-meekletsen/</link>
		<comments>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-4-converseren-moeilijk-woord-voor-meekletsen/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 10 May 2010 06:00:45 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Martijn Arnoldus</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kerk en internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.luthersekerkhaarlem.nl/?p=4138</guid>
		<description><![CDATA[« Terug naar Stap 3: Verbinden &#8211; zichtbare connecties met anderen Kerken zijn gewend aan gasten die zich voegen naar de openingstijden op zondag. Zo tegen het begin van de zondagse samenkomst zijn ze binnen, en na afloop van de dienst gaan ze – na een kop koffie te hebben gedronken – weer weg. Zit [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-4150" title="gebaseerd op: Anne Helmond, CC-BY-NC-SA" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg" alt="" width="590" height="166" /></a></p>
<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-3-verbinden-zichtbare-connecties-met-anderen/">« Terug naar Stap 3: Verbinden &#8211; zichtbare connecties met anderen</a></p>
<p>Kerken zijn gewend aan gasten die zich voegen naar de openingstijden op zondag. Zo tegen het begin van de zondagse samenkomst zijn ze binnen, en na afloop van de dienst gaan ze – na een kop koffie te hebben gedronken – weer weg. Zit het mee, dan komen ze op een volgende zondag nog eens terug.</p>
<h3>Conversatie op internet</h3>
<p>Op internet houdt niemand zich aan openingstijden. Internet is beter te vergelijken met een druk bezocht feestje waarop mensen afwisselend met de een en dan weer met een ander staan te praten. Ben je net in gesprek met iemand, komt er een ander langs die toevallig iets van jouw gesprek opvangt, vervolgens even meepraat, en voor je het weet is het gespreksonderwerp volledig omgegooid.</p>
<p>Dát is conversatie op het web en irritatie daarover is geen excuus om niet mee te doen.</p>
<p>Drie andere kenmerken van conversatie op het web zijn de lange houdbaarheid, het hoge kletsgehalte en de meeluisteraars. Met lange houdbaarheid bedoel ik dat een groot deel van de conversaties op internet bewaard wordt. Reacties bij weblogs, op forums, uitgewisselde tweets op Twitter en krabbels op Hyves blijven – tenzij ze bewust gewist worden – op internet staan. Discussies die al lang leken te zijn afgesloten kunnen zo toch ineens weer nieuw leven ingeblazen krijgen.</p>
<p>Het hoge kletsgehalte wil zeggen dat conversatie op internet lang niet altijd diepgaand is of ‘ergens over gaat’. Net als in het alledaagse ‘offline’ leven is conversatie op internet een sociale bezigheid die niet per se een inhoudelijk doel heeft. Soms willen mensen gewoon even laten merken dat ze er zijn, en hopen ze op een reactie. Dat loopt dwars door gesprekken heen die wel een wat constructiever karakter hebben. Zoek bij status updates op Facebook of op Twitter eens op ‘still in bed’ en op elk moment van de dag zijn er wel zoekresultaten. Of op ‘nothing special’. Er zijn altijd wel mensen online die even willen vertellen dat ze niets te melden hebben.</p>
<p>Omdat een aanzienlijk deel van de conversatie op het web via (semi-)openbare kanalen verloopt, zijn er altijd meeluisteraars. In de inleiding beloofde ik terug te komen op deze vorm van participatie op internet. De meeluisteraars zijn degenen die het gesprek wel volgen, maar zich er niet actief zelf in mengen. Wat die groep ermee doet verschilt niet van de analogie van het feestje: ze doen er niets mee, ze raken erdoor geïnspireerd, ze roddelen elders over je of ze herhalen jouw punten in gesprekken die ze later met anderen voeren. Et cetera.</p>
<p>Net als bij zenden en verbinden geldt: je kunt je ongemakkelijk voelen bij bepaalde aspecten van conversatie op het internet, maar het is de realiteit waar je als kerk mee te maken hebt als je mee wilt doen.</p>
<h3>Meepraten als kerk</h3>
<p>Waar zenden en verbinden kerken over het algemeen nog redelijk afgaat als ze ermee starten, blijkt meepraten lastiger. Twitter kan nog eens als voorbeeld dienen omdat het uitdaagt tot een vrij vlotte vorm van conversatie, maar de meeste kerken juist dat aspect links laten liggen. Een deel van het succes van Twitter zit in de interactie. Mensen reageren op elkaar met korte berichten, sturen elkaars ‘tweets’ door naar hun eigen volgers. Kortom, bij Twitter gaat het om het volgen van berichten van anderen en het zelf gevolgd worden door (weer) anderen.</p>
<p>Tot zover de theorie. Wat doen de kerken? Een groot deel rust op z’n lauweren, publiceert af en toe een aankondiging voor de zondagse samenkomst, en wacht tot anderen zich als volger aandienen. Zulke kerken missen de essentie van het medium. Zelf anderen volgen (connecties aangaan) en op anderen reageren zijn de stappen die ontbreken. Kans verspeeld.</p>
<p>Ik hoor wel eens dat dat komt doordat de kerk altijd is gewend geweest om een boodschap te zenden. Dat klopt misschien voor de preek, maar verder is de kerkgeschiedenis gekleurd door interactie. Dat weerwoorden niet altijd geduld werden (worden), is een ander verhaal. Het probleem ligt, vermoed ik, ergens anders. We zijn niet gewend om als gemeenschap een stem te laten horen, anders dan via de gebaande paden van de formele organisatiestructuur. En die is in sommige kerken sterk bepalend. Kerken gedragen zich daarin niet anders dan bedrijven, overheden en andere organisaties; communicatie vanuit de organisatie moet worden ‘geautoriseerd’. Dat maakt het lastig om in de meer spontane conversatie op internet mee te doen.</p>
<p>Probleem genoteerd. Toch heeft conversatie op internet voor kerken nut. De meerwaarde van meepraten is dat je erdoor <em>benaderbaar</em> wordt. Anders dan bij zenden, maak je je via conversatie aanspreekbaar, kun je je boodschap naar anderen toe verduidelijken en kun je iets terugkrijgen. Er is dus reden om het probleem te overwinnen hoe de kerk mee kan praten op internet. Drie routes daarvoor geef ik in het laatste deel van deze post mee. Daarbij deel ik ook wat gedachten over hoe conversatietools zoals Twitter wél te gebruiken zijn door kerken.</p>
<h3>Oplossing 1: de veilige route</h3>
<p>De eerste optie voor kerken is om alleen op een relatief afwachtende manier conversatie aan te gaan. Je wacht dan tot anderen jou aanspreken en antwoord privé of meer in het openbaar. Veel kerken hebben een antwoordformulier op hun website of een algemeen info e-mailadres. Via e-mail is het mogelijk om in interactie te treden zonder dat de hele wereld de uitwisseling van berichten kan volgen, en zonder dat een snel antwoord vereist is. (Te lang wachten is uiteraard ook weer niet de bedoeling.)</p>
<p>Een andere optie is het openen van een reactiemogelijkheid bij berichten op de eigen website. Kerken maken tot nu toe zelden gebruik van die mogelijkheid. Een reageerfunctie levert een meer zichtbare vorm van conversatie op. Het is aan de auteur van het oorspronkelijke stuk om te bepalen of hij of zij antwoordt op de reacties van anderen. Meest gebruikelijk is dat reageerders met elkaar in discussie raken, zonder dat de auteur daarin nog een actieve rol speelt.</p>
<p>Voordeel van de veilige route is dat je vrij sterk grip kunt houden op de interactie. Overigens is het omgaan met reacties niet vrij van gedragsregels. Het zonder verdere toelichting verwijderen van reacties van anderen wordt bijvoorbeeld niet op prijs gesteld door internetgebruikers. ‘Huisregels’ kunnen behulpzaam zijn.</p>
<p>De veilige route heeft een paar nadelen. Op de eerste plaats blijft de interactie beperkt tot de eigen website of groepspagina van de kerk. Daarnaast wordt het initiatief bij de ander gelegd. Die moet eerst het formulier invullen, een e-mail sturen of een reactie plaatsen voor er conversatie ontstaat. Daarmee worden kansen gemist om als kerk je stem en boodschap te laten horen in conversaties die elders op het web worden gevoerd.</p>
<h3>Oplossing 2: de individuele route</h3>
<p>Die nadelen spelen minder een rol in wat de individuele route genoemd kan worden. Bij die oplossingsrichting is het meepraten ‘uitbesteed’ aan de individuele leden van de gemeenschap. Er zijn bijvoorbeeld predikanten, pastors, oudsten en gemeenteleden die een eigen weblog bijhouden, twitteren of chatten. Zij zijn meestal niet de officiële spreekbuis van de kerk en doen op persoonlijke titel mee op het web. Soms zijn zij echter wel de enigen uit de kerkelijke gemeenschap die online aanspreekbaar zijn voor anderen.<a href="#_ftn1">[1]</a></p>
<p>Veel kerken moeten het, voor meer actieve participatie in de het online publieke debat, van deze enthousiaste eenlingen hebben. Als die mensen een soort informele ambassadeurs voor de kerk willen zijn is dat in principe iets waar de hele gemeenschap van kan profiteren. Het ambassadeurschap hoeft zeker niet voorbehouden te zijn aan de kerkprofessionals. Bijkomend voordeel is dat contact van mens tot mens als veel persoonlijker wordt ervaren dan contact met een organisatie.</p>
<h3>Oplossing 3: de open route</h3>
<p>De derde route is om uit naam van de plaatselijke kerk actief mee te doen in conversatie op het web. Doe het samen, is hier het devies. Bij het stuk over zenden schreef ik al over de optie om mensen uit de gemeente een inlogaccount te geven waarmee zij zelf artikelen op de website kunnen publiceren. Waarom zou je hen niet meteen toegang geven tot de Facebook- of Twitteraccount? Dan kunnen zij, als leden van de gemeente, onder naam van de kerk over hun bijdrage meepraten. Laat bijvoorbeeld de kinderkerkleiding voor de kerk twitteren over dingen die geloofsopvoeding aangaan, en over de manier waarop de kerk daarmee bezig is. Natuurlijk kun je samen een kader opstellen voor wat je wel en niet wilt publiceren. Bijvoorbeeld dat privéberichten zonder connectie met de kerk niet via de kerkaccount worden verstuurd.</p>
<p>Bij de open route zijn er meerdere opties om samen aan de conversatie deel te nemen:</p>
<ol>
<li>Bij de Twitteraccount van de Evangelisch-Lutherse gemeente Haarlem-Beverwijk <a href="http://www.twitter.com/elghaarlem">(@ELGHaarlem</a>) kan iedereen meetwitteren (toegegeven, participatie is nog niet zo hoog) zonder dat direct duidelijk is wie er aan het woord is. Soms leidt dat tot wat verwarring bij de ontvangende partij, die niet weet dat er meerdere personen van de account gebruikmaken.</li>
<li>Een prima tweede optie is te vinden bij Groot Nieuws Radio <a href="http://www.twitter.com/1008am">(@1008am</a>). Bij GNR beginnen de berichtjes soms met de naam van degene die schrijft.</li>
<li>Een derde optie, tot slot, is om relevante tweets van gemeenteleden met een privéaccount te retweeten. Retweeten betekent niets anders dan het bericht van een ander doorsturen naar je eigen netwerk. Het omgekeerde – de berichten van de kerk worden door anderen doorgestuurd – komt regelmatig voor. Er zijn echter maar weinig kerken die met hun account de berichten van hun gemeenteleden doorsturen (zie <a href="http://www.twitter.com/jacobikerk">@jacobikerk</a> voor een uitzondering). De belangrijkste reden is wellicht dat er geen gemeenteleden zijn met een eigen account.</li>
</ol>
<p>Van de drie oplossingen vraagt de open route van een gemeente het grootste vertrouwen in elkaar. Het voordeel is dat de kerk als gemeenschap actiever mee kan doen en duidelijker zichtbaar wordt in online conversatie. Dat kan offline tot verrassende versterking leiden van relaties binnen de gemeenschap en tot nieuwe gedeelde contacten.<a href="#_ftn2">[2]</a></p>
<h3>Een weg te gaan</h3>
<p>De gedachten die ik in de afgelopen posts heb gedeeld mogen verder uitkristalliseren. Het zijn voor een deel ideeën die nog geen best practices hebben in de praktijk. Maar het is belangrijk dat kerken zich blijven verdiepen in de ontwikkelingen op het web. Het liefst vanuit een breder perspectief op wie de kerk is, waartoe zij geroepen is, en voor welke uitdagingen zij in de 21<sup>ste</sup> eeuw staat. Aan de schat van de kerk – het Evangelie – zal het niet liggen. Die is krachtig als altijd.</p>
<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/tips-en-links-voor-webmasters/">Door naar Tips en links voor webmasters »</a></p>
<p><a href="../stap-3-verbinden-zichtbare-connecties-met-anderen/">«  Terug naar Stap 3: Verbinden &#8211; zichtbare connecties met anderen</a></p>
<hr size="1" /><a href="#_ftnref">[1]</a> Speciale vormen van interactie via het web, zoals pastoraat of een online cursus zoals Waarom Jezus? laat ik hier buiten beschouwing. Dat zijn sterk doelgerichte activiteiten met een heel eigen dynamiek .</p>
<p><a href="#_ftnref">[2]</a> Boele Ytsma heeft terecht opgemerkt dat participatie op internet niet alleen om online verbindingen gaat, maar evenzeer om connecties tussen online en offline. Zie zijn lezing voor Kerk en Wereld, 2009: <a href="http://www.kerkenwereld.nl/documents/doc/religieuze_communities_op_internet.pdf">www.kerkenwereld.nl/documents/doc/religieuze_communities_op_internet.pdf</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-4-converseren-moeilijk-woord-voor-meekletsen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Stap 3&#124; Verbinden &#8211; zichtbare connecties met anderen</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-3-verbinden-zichtbare-connecties-met-anderen/</link>
		<comments>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-3-verbinden-zichtbare-connecties-met-anderen/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 06 May 2010 05:31:08 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Martijn Arnoldus</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kerk en internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.luthersekerkhaarlem.nl/?p=4135</guid>
		<description><![CDATA[« Terug naar Stap 2&#124; Zenden &#8211; jezelf presenteren op het web Een basiskenmerk van het internet is de netwerkstructuur. Het internet is een ondoorzichtige en extreem complexe kluwen van knooppunten (‘nodes’) en verbindingen (‘links’, ‘connections’). Terwijl dat netwerkkarakter van het internet in het begin nog vooral tot uiting kwam in de technologische infrastructuur – [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-4150" title="gebaseerd op: Anne Helmond, CC-BY-NC-SA" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg" alt="" width="590" height="166" /></a></p>
<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-2-zenden-jezelf-presenteren-op-internet">« Terug naar Stap 2| Zenden &#8211; jezelf presenteren op het web</a></p>
<p>Een basiskenmerk van het internet is de netwerkstructuur. Het internet is een ondoorzichtige en extreem complexe kluwen van knooppunten (‘nodes’) en verbindingen (‘links’, ‘connections’). Terwijl dat netwerkkarakter van het internet in het begin nog vooral tot uiting kwam in de technologische infrastructuur – met elkaar verbonden computers – ligt de nadruk tegenwoordig juist op sociale netwerken – met elkaar verbonden mensen. De opkomst van sociale netwerken (zoals <a href="http://www.hyves.nl/">Hyves</a>, <a href="http://www.facebook.com/">Facebook</a>, <a href="http://www.ning.com/">Ning</a>, <a href="http://www.spruz.com/">Spruz</a>, <a href="http://nl.netlog.com/">Netlog</a>, <a href="http://www.flickr.com/">Flickr</a>) heeft aan de digitale wereld een nieuwe dimensie toegevoegd en het begrip ‘vriend’ een bredere invulling gegeven.</p>
<h3>Netwerken op internet</h3>
<p>Connecties op internet geven uiting aan <a href="http://www.nd.nl/artikelen/2010/april/16/spanningsveld-tussen-eredienst-en-cultuur">individugestuurd netwerkdenken</a>.<a href="#_ftn1">[1]</a> Dat wil zeggen dat de individuele internetgebruiker een (online) netwerk bouwt waarin hij of zij zelf centraal staat. Dat sluit aan bij een streven naar individualisme en onafhankelijkheid van organisaties, instituten en hiërarchische structuren. Op internet bepaalt de gebruiker zelf waar hij of zij wel of niet bij wil horen en met wie hij of zij wel of geen connecties wil aangaan.</p>
<p>Die connecties kunnen een heel vluchtig karakter hebben, intensief worden onderhouden, of juist als een dode verbinding jaren blijven voortbestaan. Er zijn zat internetgebruikers die in hun online sociale netwerk connecties hebben met mensen waarmee ze in geen tijden meer contact hebben gehad.</p>
<p>Uit kerkelijke hoek komt soms dan ook de opmerking dat de online relaties tussen mensen het niet halen bij de ‘offline’ contacten tussen mensen. Of anders gezegd, de verbondenheid, de koinonia (zie <a href="../stap-1-wie-is-de-kerk-op-internet/">Stap 1: wie – en niet wat – is de kerk op internet?</a>) die de kerk zoekt, kan het online netwerken niet bieden. Maar de aanname achter die bewering klopt niet helemaal. Het sociaal netwerken op het web is geen <em>vervanging</em> van ‘offline’ contacten, maar eerder een <em>aanvulling</em> die, toegegeven, ook zijn effect heeft op de contacten in de fysieke wereld. Het is voor kerken goed om te beseffen dat internetgebruikers van hun online sociale netwerkconnecties niet verwachten dat dat allemaal van hart tot hart relaties zijn.</p>
<h3>Narcistische trekjes</h3>
<p>In dat verband nog één essentiële opmerking over connecties op internet. Voor internetgebruikers gaat kwantiteit vaak duidelijk boven welke kwaliteit dan ook. Op Twitter scoor je lekker als je veel volgers (‘followers’) hebt en op een zakelijk netwerk zoals LinkedIn oog je met een groot netwerk belangrijker dan met weinig connecties. Maar het omgekeerde komt net zo goed voor. Sommige netwerkers beperken hun connecties met opzet tot een minimum. Die exclusiviteit is een vorm van ‘playing hard to get’. Hoe dan ook, veel connecties of juist weinig, anderen krijgen altijd iets te zien van de omvang en inhoud van het netwerk.</p>
<p>Daarom is het onvoldoende om te zeggen dat het op internet om connecties gaat. Het gaat om <em>zichtbare</em> connecties. In sociale netwerken geef je aan anderen altijd iets weg van je connectiviteit: hoeveel vrienden je hebt, hoeveel volgers, of wie dat precies zijn. Kerken die zich afvragen wat hun rol in online sociale netwerken kan zijn, moeten in het achterhoofd houden dat – of ze het er nu mee eens zijn of niet – zichtbaarheid het criterium is waarvan de netwerken leven.</p>
<h3>De netwerkende kerk op internet</h3>
<p>In de manier waarop een kerk op internet netwerkt is het beeld dat de kerk over haar eigen identiteit heeft van groot belang. Een kerk die zichzelf als organisatie ziet, netwerkt op een andere manier dan een kerk die zichzelf in de eerste plaats als gemeenschap van levende stenen ziet. Ik zal, aan de hand van twee manieren waarop kerken via internet kunnen netwerken, proberen uit te leggen waar het verschil zit en wanneer dat relevant wordt.</p>
<h3>Passief: de kerk als label</h3>
<p>Er zit groei in het aantal kerken dat een eigen groepspagina heeft op sociale netwerksites als Hyves en Facebook. Zo’n pagina stelt mensen in staat om ‘vriend te worden’ van de kerk, om te laten zien dat ze zich op de een of andere manier verbonden voelen.</p>
<p>Voor kerken is dat een relatief eenvoudige en doorzichtige manier om netwerkend op internet actief te zijn. Je laat mensen zich gewoon met de kerk associëren. In veel (maar zeker niet alle!) gevallen zijn de ‘vrienden’ van de kerk leden van de gemeenschap of mensen die zich nauw aan de gemeenschap verbonden voelen. In dat opzicht is de kerk dan bezig om online zichtbaar te maken dat zij als gemeenschap <em>zelf</em> een netwerk is, en al was lang voordat Hyves, Facebook en MySpace bestonden.</p>
<p>Dat is sommige vernieuwers binnen de kerk ook al opgevallen, en die deinzen er niet voor terug om de gehele dagelijkse praktijk van de kerk in internetjargon uit te drukken. Dwight Friesen, hogeschooldocent praktische theologie in de VS, publiceerde bijvoorbeeld in 2009 ‘Thy Kingdom connected’ waarin hij termen als links, social networks, connections, communities, nodes en commons – die op internet uitdrukking geven aan netwerkstructuren – bijna één op één toepast op de kenmerken van de kerk.<a href="#_ftn2">[2]</a></p>
<p>Inderdaad, dat gaat wel wat ver. De basisgedachte is echter wel interessant. Kerken kunnen op internet zichtbaar maken dat zij een gemeenschap zijn (en daarmee komen we weer in de buurt van stap 1, waar het over jezelf presenteren ging), en zich als gemeenschap versterken doordat de leden van de gemeenschap elkaar online kunnen benaderen. Nogmaals, die verbindingen zijn aanvullend en niet vervangend voor de offline contacten. Maar ook mensen die een hele zwakke binding (‘weak tie’) met de gemeenschap hebben, kunnen op deze manier toch iets van verbondenheid met de kerk krijgen en onderhouden.</p>
<p>De essentie van deze vorm van netwerken is dat de kerk het label is waarmee mensen zich associëren. De kerk als zodanig legt in deze vorm niet zelf actief verbindingen. Bij deze passieve vorm van netwerken maakt het voor de buitenwereld niet veel uit vanuit welk beeld over zichzelf (formele organisatie, gemeenschap) de kerk handelt.</p>
<h3>Actief: de kerk als verbinder</h3>
<p>Dat is bij de tweede vorm van netwerken anders. Daarin treedt de kerk op als netwerkpartner – als deelnemer die zelf actief connecties met anderen aangaat.</p>
<p>De hamvraag daarbij is: wie is die ander?</p>
<p>Kerken waar de formele, institutionele structuur voorop staat zullen geneigd zijn om vooral verbindingen te leggen met andere formele organisaties. De praktijk op internet sluit daar <em>niet</em> bij aan. Daar lopen sterke en zwakke verbindingen tussen individuen en organisaties namelijk kriskras door elkaar heen. Dat is te illustreren met Twitter. Op Twitter kunnen deelnemers berichtjes van maximaal 140 tekens publiceren, berichten van anderen volgen, en zelf door anderen gevolgd worden. Het gemiddelde netwerk van Twitteraars bestaat zowel uit individuen (bijvoorbeeld collega’s) als organisaties (bijvoorbeeld de sportclub of de pers).</p>
<p>Dit nieuwe type netwerk vraagt een omslag in het denken. Een omslag van formele verbindingen op bestuurs- of instituutsniveau naar het verbinden van gemeenschappen of netwerken. Om die abstracte zin heel concreet te maken (en misschien helpt een plaatje daarbij nog wat meer): een lokale kerk die op internet een verbinding zichtbaar maakt met een andere lokale kerk creëert een bruggetje tussen de individuen die zich aan een van beide netwerken verbonden voelen. De connectie is niet, zoals in formele structuren, voorbehouden aan de voorganger of het kerkbestuur, maar in principe open voor iedereen. En dat werkt. Mensen uit verschillende kerken of plaatsen komen zo gemakkelijker en sneller met elkaar in contact. Zulke connecties van de kerk met andere ‘netwerken’ hoeven uiteraard niet beperkt te zijn tot geloofsgemeenschappen, maar bieden juist kansen om anderen met het Evangelie te bereiken.</p>
<p><img class="alignnone size-full wp-image-4196" title="De kerk als verbinder op het web" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/05/KI_netwerken.png" alt="" width="590" height="317" /></p>
<p>Een sterker besef van de kerk als gemeenschap van mensen helpt om de kerk meer als een verbinder te zien, dan als organisatie die alleen maar wat te zenden heeft op internet. Drie tips voor een aanpak:</p>
<ol>
<li><strong>Denk aan ruggespraak</strong>. Ga niet, zogezegd namens de gemeente allerlei connecties aan. Het is echt niet nodig dat iedere mogelijke nieuwe connectie eerst door een meerderheid van de gemeente moet worden goedgekeurd (tenminste, dat hoop ik zo…). Maar het is wel belangrijk dat er breed draagvlak is om als kerk online connecties aan te gaan en niet alleen als afzonderlijke individuen.</li>
<li><strong>Wees open</strong>. Op internet kun je de gekste connecties oplopen – binnen en buiten de christelijke wereld. Dat is niets om van te schrikken. Zie het als kans om mensen te bereiken die anders waarschijnlijk nooit op je pad zouden komen. Natuurlijk zijn er grenzen; spamconnecties (meestal seksueel getint) kun je beter verbreken. In gesprek gaan heeft toch geen zin met deze veelal geautomatiseerde verbindingen.</li>
<li><strong>Accepteer dat formele en informele connecties door elkaar lopen. </strong>Door zowel met individuen als met organisaties en andere netwerken te netwerken geef je meer het beeld van een gemeenschap van mensen die connecties heeft met de buitenwereld. Het maakt van het netwerk van de kerk bovendien waarschijnlijk iets meer dan een optelsom van de netwerken van individuele leden.</li>
</ol>
<p>Rest de vraag hoe je als kerk, die op zo’n manier verbindingen zoekt tussen communities, kunt reageren als je door een andere internetgebruiker wordt aangesproken. Want dat gebeurt op internet, en daarmee betreden we het terrein van <a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-4-converseren-moeilijk-woord-voor-meekletsen/">Stap 4: converseren &#8211; moeilijk woord voor meekletsen</a>.</p>
<p><a href="../stap-2-zenden-jezelf-presenteren-op-internet">«  Terug naar Stap 2| Zenden &#8211; jezelf presenteren op het web</a></p>
<hr size="1" /><a href="#_ftnref">[1]</a> Om een passende term te lenen van prof. Kees de Ruiter. (Nederlands Dagblad, 17 april 2010, ‘Spanningsveld tussen eredienst en cultuur’)</p>
<p><a href="#_ftnref">[2]</a> Dwight Friesen (2009) Thy Kingdom connected. What the church can learn from Facebook, the internet and other networks. Baker Books, Grand Rapids (MI).</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-3-verbinden-zichtbare-connecties-met-anderen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Stap 2&#124; Zenden &#8211; jezelf presenteren op internet</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-2-zenden-jezelf-presenteren-op-internet/</link>
		<comments>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-2-zenden-jezelf-presenteren-op-internet/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 03 May 2010 06:09:22 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Martijn Arnoldus</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kerk en internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.luthersekerkhaarlem.nl/?p=4132</guid>
		<description><![CDATA[« Terug naar Stap 1&#124; Wie &#8211; en niet wat &#8211; is de kerk op internet Na het ecclesiologische (=theologisch nadenken over de kerk) uitstapje nu weer een terugschakeling naar de wereld van het internet. Bij ‘zenden’, de eerste vorm van participatie op het web gaat het er kort gezegd om dat je op internet [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-4150" title="gebaseerd op: Anne Helmond, CC-BY-NC-SA" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg" alt="" width="590" height="166" /></a></p>
<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-1-wie-is-de-kerk-op-internet/">« Terug naar Stap 1| Wie &#8211; en niet wat &#8211; is de kerk op internet</a></p>
<p>Na het ecclesiologische (=theologisch nadenken over de kerk) uitstapje nu weer een terugschakeling naar de wereld van het internet. Bij ‘zenden’, de eerste vorm van participatie op het web gaat het er kort gezegd om dat je op internet je ei kwijt kunt. Het is een platform waar je je kunt presenteren zoals je zelf wilt en waar je de boodschap kwijt kunt waarvan je graag wilt dat anderen hem horen. En dat alles zonder dat er werkelijk interactie ontstaat tussen de zender en de ontvanger.</p>
<p>Tegenwoordig wordt zenden in verband gebracht met de begindagen van het internet. Dat komt doordat het internet steeds meer mogelijkheden biedt tot interactie. Statische websites uit de jaren negentig hebben plaatsgemaakt voor sites waarop bezoekers reacties kunnen achterlaten, en met elkaar in gesprek gaan. Die ontwikkeling wordt wel de overgang van ‘web 1.0’ naar ‘<a href="http://www.paulgraham.com/web20.html">web 2.0</a>’ genoemd. De statische website die ‘af’ is, is vervangen door interactieve webplekken die voortdurend in ontwikkeling zijn. De tijd dat het internet een plek was waar de een iets plaatste en een ander wat kwam halen is voorbij.</p>
<h3>Waarom zenden niet verdwijnt</h3>
<p>Al die interactiviteit, waarbij internetgebruikers op elkaar reageren en ‘<a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Prosumer">prosument</a>’ zijn (zowel consument als producent), betekent niet dat het zenden op zijn retour is als participatievorm. Verre van. Juist in een omgeving waar mensen en organisaties op allerlei verschillende forums, websites en communityplatforms met elkaar in interactie treden, ontstaat behoefte aan een ‘vaste webstek’. Hoe meer mensen of organisaties interactief worden op internet, hoe meer lijken zij een plek (website, weblog) te willen hebben waarop ze zichzelf kunnen voorstellen en kunnen laten zien waar op het web zij allemaal actief zijn.</p>
<p>Zo’n vaste plek vervult een spilfunctie bij de internetparticipatie. Het hoeft trouwens geen eigen website te zijn, maar kan net zo goed de vorm hebben van een weblog of Hyves- of Facebookpagina. En het hoeft geen statische plek te zijn die nooit verandert en waar niemand een reactie kan achterlaten. De essentie van een eigen plek op internet is dat je er zelf de baas bent over wat je wel en niet publiceert, en dat je zelf bepaalt hoe een ander wel en niet mag bijdragen. Zenden krijgt daarmee hoofdzakelijk het karakter van zelfpresentatie – je laat zien wie je bent, wat je drijfveren zijn, en welke boodschap je voor anderen hebt.</p>
<h3>Hoe de kerk zendt</h3>
<p>De meerderheid van de Nederlandse kerken zendt ook op die manier en doet dat via een eigen website. Een typische opening op websites van plaatselijke gemeenten is zoiets als ‘Welkom op de site van… Hier vindt u informatie over wie we zijn en over onze activiteiten’. Wat de lokale gemeente vervolgens verder van zichzelf presenteert varieert. Er zijn, een beetje generaliserend, zeven typen informatie die kerken op internet zenden.<a href="#_ftn1">[1]</a> Natuurlijk kunnen er meer of minder typen worden gedefinieerd, maar zeven past nu eenmaal mooi bij het christelijk geloof.</p>
<ol>
<li><strong>De verkondiging</strong>. Hoewel <a href="http://josdouma.wordpress.com/2010/05/02/zenden-op-het-web-kerk-en-internet-2/">Jos Douma</a> terecht opmerkt dat kerken een boodschap hebben, zijn er verrassend veel kerken die via internet juist zeer weinig melden van waar zij als geloofsgemeenschap voor staan. Daar staat tegenover dat er ook kerken zijn wiens website volledig door de presentatie van het Evangelie in beslag wordt genomen (vaak in flitsende kleuren en omrand met veel duiven, bloemen en dergelijke), en bij wie je lang kunt zoeken naar informatie over wie er eigenlijk aan het woord is.</li>
<li><strong>Het gebouw</strong>. Met stip op één bij de visuele presentaties van kerken op het web. Sommige kerken lijken een voorschot te nemen op verdere ontkerkelijking door op hun website hoofdzakelijk aandacht te schenken aan een leeg, monumentaal gebouw.</li>
<li><strong>De activiteiten</strong>. Dat is dan de nummer één bij de tekstuele presentaties. Er zijn kerken die zonder verdere toelichting een lijst van activiteiten op hun website publiceren. Net als onder het eerste punt komt dan de vraag op: wie zit daar achter?</li>
<li><strong>De mensen</strong>. Een minderheid van de kerken op het web staat uitgebreid stil bij wie er in de kerk actief zijn, bijvoorbeeld via interviews, profielen en getuigenissen.</li>
<li><strong>Het inwendig gebruik</strong>. Ik heb ‘inwendige zending’ altijd een wat vreemde term gevonden die volgens mij voor geen buitenstaander te begrijpen is. Dat is ook een type info dat kerken graag ventileren: insider nieuws, het liefst gebracht in kerkelijke taal.</li>
<li><strong>Het organogram</strong>. Websites van met name rooms-katholieke parochies hebben er nog wel eens een handje van om zeer uitvoerig de formele organisatiestructuur van de parochie uit te schrijven.</li>
<li><strong>De leider</strong>. Daarmee is dan niet Jezus bedoeld, maar de voorganger. Soms vraag je je bij zulke sites af of je nu op een persoonlijke website van het voorgangerechtpaar terecht bent gekomen of toch bij die van een kerkelijke gemeente.</li>
</ol>
<h3>De kerk als gemeenschap presenteren</h3>
<p>Afhankelijk van persoonlijke voorkeuren kan elk genoemd type in de smaak vallen of juist enorm tegenstaan. Daar wil ik, meer dan hierboven al gedaan, geen oordeel over vellen. Het is evenmin mijn bedoeling om tips te geven over grafische vormgeving of de manier waarop mensen een website (niet) bekijken. Aanwijzingen daarvoor gaan op internet voldoende rond – ook voor kerken. Zie de post over tips en links voor webmasters. (Deze tekst is trouwens helemaal geen goed voorbeeld. Veel te lang voor een blogpost, als het op internetregels aankomt…)</p>
<p>Maar ik heb eerder wel aangegeven kerk en internet te zien in de context van de kerk als gemeenschap van levende stenen. De vraag die daarbij naar voren komt is hoe kerken zichzelf (beter) kunnen presenteren als gemeenschap. Een aantal ideeën daarvoor staat centraal in het laatste stuk van deze post. Het zal niet verbazen dat punt vier, de mensen, daarbij centraal in het vizier komt (wat mij betreft overigens zonder tekort te doen aan punt 1, de verkondiging. Want de kerk heeft de opdracht om een getuigende gemeenschap te zijn). Er zijn, naar mijn idee, twee manieren waarop de kerk zich als gemeenschap kan presenteren: gemaakt en authentiek. Het voelt misschien onnatuurlijk, maar die twee manieren gaan uitstekend samen.</p>
<h3>Het gemaakte online gezicht van de kerk</h3>
<p>De eerste manier is door op het web met verschillende typen content (tekst, foto, video) een afspiegeling te maken van hoe de gemeente er ‘offline’ uit ziet. De ontwerper of webmaster moet zich bij het uitwerken van het concept steeds bewust zijn van de gewenste uitstraling van de website. Zo maar een paar tips:</p>
<ul>
<li>De eenvoudigste vorm is om te vertellen <em>dat</em> de kerk een gemeenschap is. Een opening in de trant van ‘Wij zijn een geloofsgemeenschap van christenen die onderweg zijn met God’ komt al een stuk aansprekender over dan ‘Op deze website kunt u informatie vinden over alle diensten van de wijkgemeente’.</li>
<li>Nog beter is om te vertellen <em>hoe</em> de kerk een gemeenschap wil zijn. Neem een ‘over ons’ pagina op waarin je uitlegt waarom je samen gemeente bent, wat je samen deelt.</li>
<li>Het oog wil ook wat. Foto’s en video waarop mensen te zien zijn geven veel sneller de indruk van een gemeenschap dan foto’s van lege gebouwen. Stop de foto’s met mensen er op niet weg in een online foto-album, maar geef de foto’s een plek in de basisopmaak. Zie ook <a href="../het-online-gezicht-van-de-kerk/">Het online gezicht van de kerk</a>.</li>
<li>Publiceer (geschreven) portretten van mensen uit de gemeente op de website. Het hoeft echt niet meteen om getuigenissen van bijzondere bekeringen te gaan.</li>
<li>Maak veel gebruik van de wij-vorm. ‘Als gemeente hebben we…’ komt persoonlijker over dan ‘De kerkenraad stelt zich op het standpunt dat…’ of ‘De wijkgemeente komt op zondag bijeen…’</li>
<li>Vergeet nooit dat de website openbaar is. Bij alles is het belangrijk om niet uit het oog te verliezen dat websites in principe voor elke internetgebruiker benaderbaar zijn. In de gemeente zijn er altijd zaken die in vertrouwen gedeeld worden. Sommige kerken zetten hun volledige kerkblad, met adressen, overlijdens, huwelijken en geboorten open en bloot op internet. Geeft wel het idee van een gemeenschap, maar is misschien niet helemaal de bedoeling… Van de andere kant, voorkom het vervallen in kerkelijk jargon en andere insidergebruiken. Je wilt immers wel dat de buitenstaander begrijpt wat je presenteert.</li>
</ul>
<p>Hoewel de bezoeker van de site met de gemaakte manier wel direct wordt geconfronteerd met de kerk als gemeenschap, blijft het een afspiegeling. De kerk wordt gepresenteerd als een groep mensen, maar in die presentatie blijft de gemeenschap zelf passief.</p>
<p>Dat kan best anders.</p>
<h3>Het authentieke online gezicht van de kerk</h3>
<p>De tweede manier om bij het online presenteren van de kerk iets van het wezenlijke karakter van de kerk als gemeenschap zichtbaar te maken, is door die gemeenschap mee te laten werken aan de site. Het gaat dan niet langer om een afspiegeling, maar de gemeenschap wordt zichtbaar in hoe de website tot stand komt en in wat er op gebeurt. Opnieuw een paar tips, waarbij ik moet toegeven dat we vanaf hier een terrein begeven waar voor mij de praktijkervaring geleidelijk plaatsmaakt voor ideeën en goede voornemens:</p>
<ul>
<li>Schrijf met meerdere personen, en maak zichtbaar dat er verschillende auteurs zijn. Neem bijvoorbeeld een pasfoto op van de auteur, of een profielpagina.</li>
<li>Maak het voor – in elk geval – mensen uit de kerk mogelijk om te reageren op bijdragen op de website.</li>
<li>Geef de website een blogstructuur waarop mensen uit de kerk een eigen bijdrage kunnen plaatsen (‘posten’), die op de een of andere manier verband houdt met waar je als kerk voor staat en mee bezig bent. Dat kan bijvoorbeeld een opiniestuk zijn, een verslag of een stelling.</li>
<li>Link op de website naar je eigen groepspagina op Hyves, Facebook, Ning of andere social community. Beter nog: toon op de website een overzichtje van de laatste activiteiten op die groepspagina.</li>
<li>Maak zichtbaar waar en hoe mensen elders op internet namens de kerkelijke gemeente actief zijn. Het liefst niet alleen door te vermelden dat bijvoorbeeld iemand ‘schrijft voor de website van de daklozenopvang’, maar door een link op te nemen naar de nieuwste berichten, of een intro van die berichten te tonen. Mensen zijn lang niet altijd actief voor de website van de gemeente, maar probeer als webredactie uit te vinden waar op internet zij dat eventueel wél zijn.</li>
</ul>
<p>De gemaakte manier komt in de praktijk meer voor dan de authentieke. Er zijn bijvoorbeeld maar heel weinig kerken die een reageerfunctie hebben bij hun online publicaties. Vermoedelijk spelen één of meer van de onderstaande drie hordes mee. Zo niet, dan is er niets dat experiment in de weg staat.</p>
<ol>
<li><strong>De kerkenraad wil niet</strong>. Er zijn kerken waar de kerken-, oudstenraad of het parochiebestuur strak uitstippelt hoe internet wel en niet voor de kerk gebruikt mag worden. Soms speelt de angst mee dat officiële standpunten en leerstellingen verkeerd worden uitgedragen. Internet heeft inderdaad het risico dat niet iedereen met één mond spreekt. Als je dat risico niet wilt nemen dan komt het internet vast bedreigend over.</li>
<li><strong>De redactie wil niet</strong>. Dat is dan waarschijnlijk om te voorkomen dat de website een zootje wordt. Toch kan een redactie heel goed een aansturende en stimulerende rol vervullen in een kerkelijke gemeenschap. Je hoeft als redactie niet altijd alles helemaal zelf te willen doen.</li>
<li><strong>De gemeenschap wil niet</strong>. Het zou best kunnen dat dit de meest voorkomende horde is. Het aantal mensen dat voor de kerk actief met internet aan de slag kan en wil, is over het algemeen niet groot. Ik weet zelf hoe lastig het is om enthousiasme los te weken, maar dat mag geen reden zijn om de gemeente dan maar niet te betrekken. Webredacties hebben wat dat betreft hun eigen ‘zendingsveld’.</li>
</ol>
<p>De vaste webplek van de kerk kan uit beide manieren om zich als gemeenschap te presenteren voordeel halen. De gemaakte manier helpt om de aandacht van bezoekers direct te richten op de kerk als levende gemeenschap. De authentieke manier maakt van de internetpresentie een verlengstuk van de gemeenschap. Die manier steunt bovendien rechtstreeks op de twee andere participatievormen die voor kerken interessant zijn. Tijd om over te schakelen naar <a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-3-verbinden-zichtbare-connecties-met-anderen/">Stap 3: verbinden &#8211; zichtbare connecties met anderen</a><span style="color: #888888;"> </span>.</p>
<p><a href="../stap-1-wie-is-de-kerk-op-internet/">«  Terug naar Stap 1| Wie &#8211; en niet wat &#8211; is de kerk op internet</a></p>
<hr size="1" /><a href="#_ftnref">[1]</a> In de afgelopen drie jaar loofde de IKON in samenwerking met een in samenstelling wisselende groep partners de zogeheten Webfish Awards uit voor de beste christelijke internetbijdrage in het Nederlandse taalgebied. Een terugkerende categorie is die van plaatselijke kerkelijke gemeenten. De aanmeldingen geven een aardig overzicht van de stand van de lokale kerkwebsite in Nederland. Je hoeft overigens maar kort te googelen om erachter te komen dat het er in het buitenland niet veel anders aan toegaat.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-2-zenden-jezelf-presenteren-op-internet/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Stap 1&#124; Wie &#8211; en niet wat &#8211; is de kerk op internet?</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-1-wie-is-de-kerk-op-internet/</link>
		<comments>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-1-wie-is-de-kerk-op-internet/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 01 May 2010 06:56:32 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Martijn Arnoldus</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kerk en internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.luthersekerkhaarlem.nl/?p=4130</guid>
		<description><![CDATA[« Terug naar Kerk en internet Het ligt voor de hand om te starten met wat die drie vormen van participatie inhouden en welke instrumenten er op het web voor beschikbaar zijn. Toch is dat niet het handigste startpunt. Het feit dat veel kerkelijke gemeenten een ongemakkelijke omgang met internet hebben door onbekendheid met de [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-4150" title="gebaseerd op: Anne Helmond, CC-BY-NC-SA" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg" alt="" width="590" height="166" /></a></p>
<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet/">« Terug naar Kerk en internet</a></p>
<p>Het ligt voor de hand om te starten met wat die drie vormen van participatie inhouden en welke instrumenten er op het web voor beschikbaar zijn. Toch is dat niet het handigste startpunt. Het feit dat veel kerkelijke gemeenten een ongemakkelijke omgang met internet hebben door onbekendheid met de mogelijkheden van het medium is namelijk slechts één deel van het verhaal.</p>
<h3>De andere kant van het verhaal</h3>
<p>Minstens net zo problematisch is voor de kerk de vraag wie zij op internet is of kan zijn. Kies tien willekeurige websites van kerkelijke gemeenten uit en de kans is groot dat je een uitstekend beeld krijgt van tien lege (!) kerkgebouwen, en waarschijnlijk ook van activiteiten die daar plaatsvinden, maar dat je weinig zicht hebt op de mensen die er regelmatig komen. Het internet confronteert kerken vroeg of laat met hun wezenlijke identiteit, want daaruit vloeit voort hoe een kerk op internet present kan en wil zijn. Kerk op internet start daarom met zelfreflectie: wie of wat is de kerk?</p>
<p>Liever wie dan wat.</p>
<p>Zonder verstrikt te willen raken in het wespennest van verschillende opvattingen over een precieze definitie van kerk, is het wel goed om op te merken dat de kerk eerst en vooral een gemeenschap van mensen is. En geen organisatie, instituut of gebouw.</p>
<h3>Wie is de kerk?</h3>
<p>Het Griekse woord dat in de meeste bijbelvertalingen vrijwel overal als ‘kerk’ wordt vertaald, is <em>ekklesia</em>. Dat woord werd algemeen gebruikt om bijeenkomsten aan te duiden waarvoor een bepaalde groep mensen was samengeroepen. Ekklesia komt van ek (uit) en kaleo (roepen, noemen). In het Nieuwe Testament is ekklesia de geloofsgemeenschap die samenkomt voor, met en rond Jezus Christus. Het is een gemeenschap die God ontmoet en die onderlinge ontmoeting heeft. Het is bovendien een gemeenschap die zich geroepen weet om met de wereld, met anderen, te delen wat haar bezielt en welke onovertrefbare boodschap van genade God in Jezus Christus voor mensen heeft. Als het goed is, is de kerk dus ook een gemeenschap die open is, en steeds nieuwe mensen ontmoet.</p>
<p>De apostel Petrus schrijft dat God een geestelijke tempel bouwt met ‘levende stenen’ – met mensen.<a href="#_ftn1">[1]</a> In zijn brief aan de gelovigen in Efeze is de apostel Paulus nog duidelijker als hij schrijft dat Jezus Christus als hoofd is aangesteld en de kerk is als zijn lichaam.<a href="#_ftn2">[2]</a> Elders noemt hij geloofsgenoten letterlijk ‘huisgenoten van het geloof’.<a href="#_ftn3">[3]</a> De kerk bestaat dus niet uit los zand, uit een optelsom van individuen, maar uit mensen die iets fundamenteels met elkaar delen. Die elkaars huisgenoten en zelfs broers en zussen zijn. Er is sprake van een ‘common unity’, een community, of zoals het Grieks in het Nieuwe Testament het uitdrukt, <em>koinonia</em>.<a href="#_ftn4">[4]</a></p>
<p>In de breedte van de kerk is er de laatste jaren groeiende aandacht voor de diepte van koinonia, dat in vertaling meestal iets van ‘samenzijn’ of ‘verbondenheid’ wordt.<a href="#_ftn5">[5]</a> Zoals John Stott opmerkt in ‘The living church’ wordt koinonia daarmee veel te oppervlakkig opgevat; als vluchtig contact of een gemeenschappelijk lidmaatschap.<a href="#_ftn6">[6]</a> Hij ziet drie lagen van gezamenlijkheid in koinonia: waar we samen in delen (de genade van Vader, Zoon en Heilige Geest), wat we samen delen met de buitenwereld (als geloofsgetuigen) en wat we met elkaar delen (onze verantwoordelijkheid om elkaar lief te hebben). Koinonia heeft dus geen betrekking op een passief delen van bepaalde kenmerken, maar heeft iets actiefs, iets gemeenschapsvormends. Gemeentestichters en kerkvernieuwers uit uiteenlopende hoek zoals Tim Keller, Stuart Murray en Frank Viola stellen gemeenschapsvorming zelfs voorop, als een directe afspiegeling van Gods eigen, drie-enige wezen.<a href="#_ftn7">[7]</a></p>
<h3>Context voor zenden, verbinden en converseren</h3>
<p>Het is nu niet de plek om dieper op zulke gedachten in te gaan. Dat geldt net zo voor de vraag in hoeverre we in onze plaatselijke gemeenten, in landelijke kerkverbanden en over kerkmuren heen tevreden mogen zijn over de mate waarin het gemeenteleven in de praktijk aansluit bij het beeld dat het Nieuwe Testament uittekent.</p>
<p>Ik wil alleen een fundamenteel startpunt aangeven voor kerken die op internet actief willen zijn. Als je je laat leiden door wat de technologie mogelijk maakt, dan loop je kans daarin jezelf te verliezen. Een website bouwen omdat iedereen het nu eenmaal doet of een hyve starten omdat het populair is, zet geen zoden aan de dijk als je niet start bij wie je (samen) bent. Zenden, verbinden en converseren zet ik daarom in de context van een kerk die uit levende stenen bestaat. Dat perspectief is verrassend zeldzaam in het denken over kerk en internet. Maar het kan wel heel verrijkend zijn – zoals de volgende posts proberen duidelijk te maken.</p>
<p><span style="color: #000000;"><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-2-zenden-jezelf-presenteren-op-internet/">» Door naar Stap 2| Zenden: jezelf presenteren op internet</a></span><span style="color: #888888;"><br />
</span></p>
<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet/">« Terug naar Kerk en internet</a></p>
<hr size="1" /><a href="#_ftnref">[1]</a> 1 Petrus 2: 4-5.</p>
<p><a href="#_ftnref">[2]</a> Efeziërs 1: 22-23.</p>
<p><a href="#_ftnref">[3]</a> Galaten 6: 10.</p>
<p><a href="#_ftnref">[4]</a> Bijvoorbeeld Handelingen 2: 42, 1 Johannes 1: 6-7.</p>
<p><a href="#_ftnref">[5]</a> Voorbeelden van bewegingen die de waarde van gemeenschap benadrukken zijn de Simple church movement, Organic church, Emerging church en allerlei huiskerkbewegingen. Binnen de Protestantse Kerk Nederland is een soortgelijke nadruk op onderlinge relaties terug te vinden bij het Evangelisch Werkverband, dat met Gemeente Groeigroepen (GGG’s) de huiskamerkringen als basisbouwstenen voor de lokale gemeente positioneert.</p>
<p><a href="#_ftnref">[6]</a> John Stott (2007) The living church. Convictions of a lifelong pastor. Nottingham: Inter-Varsity Press</p>
<p><a href="#_ftnref">[7]</a> Tim Keller (2008) The reason for God; Belief in an age of skepticism. New York: Penguin Group, Stuart Murray (2001) Church planting; Laying foundations, Scottdale (PA): Herald, Frank Viola (2009) Finding organic church, Colorado Springs (CO): David C. Cook.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-1-wie-is-de-kerk-op-internet/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>5</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Kerk en internet</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet/</link>
		<comments>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 01 May 2010 06:56:19 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Martijn Arnoldus</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kerk en internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.luthersekerkhaarlem.nl/?p=4128</guid>
		<description><![CDATA[Kerken hebben geen naam als internetpioniers.[1] Er zijn natuurlijk altijd een paar eenzame roependen in de woestijn. In 1996 schreef Hans Roest van RKKerk.net bijvoorbeeld dat kerken “moeten vermijden een niet te overbruggen achterstand op te lopen”.[2] Veertien jaar later is er niemand die rept van een onoverbrugbare achterstand, maar evenmin lijkt de kerk over [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet"><img class="alignnone size-full wp-image-4150" title="gebaseerd op: Anne Helmond, CC-BY-NC-SA" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/Kerkopinternet2.jpg" alt="" width="590" height="166" /></a></p>
<p>Kerken hebben geen naam als internetpioniers.<a href="#_ftn1">[1]</a> Er zijn natuurlijk altijd een paar eenzame roependen in de woestijn. In 1996 schreef Hans Roest van RKKerk.net bijvoorbeeld dat kerken “moeten vermijden een niet te overbruggen achterstand op te lopen”.<a href="#_ftn2">[2]</a> Veertien jaar later is er niemand die rept van een onoverbrugbare achterstand, maar evenmin lijkt de kerk over het geheel te zijn ingelopen op de internetvoorhoede. Anno 2009 haalde de IKON met een conferentie over internetpastoraat de landelijke (seculiere) media met de kop ‘Kerken moeten ook op Hyves’ en later dat jaar stuurde Kerk en Wereld dezelfde boodschap de wereld in met het symposium ‘Kerk zijn op het web’.<a href="#_ftn3">[3]</a></p>
<p>Toch is in de meeste kerken inmiddels wel het besef doorgedrongen dat presentie op het web voordeel op kan leveren. Maar, stelde ‘twitterende pastor’ Boele Ytsma in een interview met Trouw, “vaak beperkt het ’iets met internet doen’ zich tot een website met informatie over de kerk, diensten en het online zetten van preken.”<a href="#_ftn4">[4]</a> Het internet biedt veel meer mogelijkheden, met name op het gebied van ‘social networking’ en het bereiken van mensen en het aangaan en onderhouden van contacten. De ontwikkelingen gaan echter razendsnel, en wie bij wil blijven wordt haast verplicht om zich constant onder te dompelen in de onophoudelijke uitstoot aan informatie die het internet produceert.</p>
<h3>Drie vormen van participatie</h3>
<p>Het helpt misschien iets om ‘het nut’ van internet onder te verdelen in een aantal vormen van participatie. Aan drie daarvan wil ik in aandacht schenken, maar er zijn er meer denkbaar. <em>Zenden</em>, <em>Verbinden</em> en <em>Converseren</em> zijn drie hoofdvormen van bezigheden waarmee het internet invulling krijgt en die voor kerken zeker relevant kunnen zijn.</p>
<p>Zenden is het jezelf (en je boodschap) presenteren op internet. In de meest droge en passieve vorm: informatie over jezelf plaatsen en je niet bekommeren over de vraag of iemand die informatie ooit zal vinden en, zo ja, zich ervoor zal interesseren. Verbinden heeft alles te maken met het aangaan van connecties met andere internetgebruikers. Er kan sterke variatie bestaan in hoe sterk die connecties zijn, en hoe ze worden ingevuld. Bij converseren gaat het om actieve communicatie en interactie met andere internetgebruikers. Eigenlijk is er nog een vierde vorm van participatie: luisteren. Het gros van de internetgebruikers is vooral aan het ‘luisteren’ naar wat anderen zenden, naar met wie anderen connecties aangaan en naar conversaties van anderen. Dat keert later terug.</p>
<p>Om het maar vast gezegd te hebben: een groot aantal kerken komt niet verder dan de eerste vorm van participatie.</p>
<p>Dat kan anders, al blijft het zoeken en experimenteren. Ik ga een bescheiden poging doen om vier stappen uit te werken die behulpzaam kunnen zijn voor kerken die bewuster willen meedoen op internet. Bescheiden, omdat ik geen internetprofessional of webontwikkelaar ben, omdat ik geen eigen best practice heb, omdat sommige kerken al een heel uitgestippeld internetbeleid hebben, omdat ik zelf voortdurend moet zoeken naar nut en noodzaak van internet voor de kerk, en omdat ik me er met geen mogelijkheid een voorstelling kan maken hoe Jezus het internet zou hebben gebruikt als het 2000 jaar geleden al had bestaan.<a href="#_ftn5">[5]</a></p>
<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-1-wie-is-de-kerk-op-internet/">» Door naar Stap 1| Wie &#8211; en niet wat &#8211; is de kerk op internet?</a></p>
<hr size="1" /><a href="#_ftnref">[1]</a> Ik gebruik ‘kerken’ en ‘(kerkelijke) gemeente’ voor het gemak als uitwisselbare termen en ongeacht denominatie, maar uiteraard in de wetenschap dat er maar één kerk is.</p>
<p><a href="#_ftnref">[2]</a> <a href="http://www.rkkerk.net/lezingwkj.htm">http://www.rkkerk.net/lezingwkj.htm</a></p>
<p><a href="#_ftnref">[3]</a> <a href="http://www.nu.nl/internet/1939400/kerken-moeten-ook-op-hyves.html">http://www.nu.nl/internet/1939400/kerken-moeten-ook-op-hyves.html</a> en <a href="http://www.kerkenwereld.nl/nl/doc.phtml?p=Kerk+en+Wereld+Lezing+2009">http://www.kerkenwereld.nl/nl/doc.phtml?p=Kerk+en+Wereld+Lezing+2009</a></p>
<p><a href="#_ftnref">[4]</a> <a href="http://www.trouw.nl/religie-filosofie/nieuws/religie/article2783594.ece/Roept_u_maar__twittert_de_dominee__.html?all=true">http://www.trouw.nl/religie-filosofie/nieuws/religie/article2783594.ece/Roept_u_maar__twittert_de_dominee__.html?all=true</a></p>
<p><a href="#_ftnref">[5]</a> De Rooms-Katholieke kerk is bijvoorbeeld al jaren actief met beleid omtrent nieuwe media. Ik zou naar stoffige rapporten kunnen verwijzen, maar deze presentatie van Father Roderick is veel vermakelijker: <a href="http://www.ustream.tv/recorded/1421539">http://www.ustream.tv/recorded/1421539</a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het online gezicht van de kerk</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/het-online-gezicht-van-de-kerk/</link>
		<comments>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/het-online-gezicht-van-de-kerk/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 26 Apr 2010 11:07:30 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Webredactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kerk en internet]]></category>
		<category><![CDATA[Nieuws]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.luthersekerkhaarlem.nl/?p=4097</guid>
		<description><![CDATA[Als reactie op de Gouden Webfish kwam onlangs een felicitatie binnen van de webmaster van een andere gemeente, die enthousiast mailde dat in zijn gemeente ‘ook geen plaatjes van kerkgebouwen op de homepage’ staan. Dat sloeg op de volgende passage uit het juryrapport: ‘In tegenstelling tot veel websites van plaatselijke gemeenten zien we hier feestelijke [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Als reactie op de <a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/gouden-webfish-award-2010/">Gouden Webfish</a> kwam onlangs een felicitatie binnen van de webmaster van een andere gemeente, die enthousiast mailde dat in zijn gemeente ‘ook geen plaatjes van kerkgebouwen op de homepage’ staan. Dat sloeg op de volgende passage uit het juryrapport: ‘In tegenstelling tot veel websites van plaatselijke gemeenten zien we hier feestelijke foto’s. Er zijn zowaar mensen in beeld!’ In alle reacties (dank daarvoor) die we de afgelopen weken mochten ontvangen is dat het punt dat het vaakst wordt genoemd.</p>
<p>Waarom zijn er dan zo veel kerken waar je diep in de website moet graven voor een ‘menselijk gezicht’? Een korte rondvraag leert dat er verschillende redenen voor kunnen zijn:</p>
<p><img class="alignleft size-full wp-image-4100" style="margin: 2px 18px 2px 1px;" title="Gezicht op internet" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/foto.jpg" alt="" width="222" height="500" /></p>
<ul>
<li><strong>Geen fotomateriaal beschikbaar.</strong> Dat is natuurlijk eenvoudig te verhelpen.</li>
<li><strong>Ongemak met het fotograferen van anderen.</strong> Kan een horde zijn om het vorige punt op te lossen. Maar er zijn altijd wel mensen die geen enkele schroom hebben.</li>
<li><strong>Privacykwesties.</strong> Het is altijd raadzaam om mensen die niet op een foto op internet willen staan, serieus te nemen. Foto en video zijn hele zichtbare media als het om privacy gaat. Zo zijn er kerkelijke gemeenten die om privacyredenen al hun foto’s afschermen van het openbare deel van de website, maar wel (!) het kerkblad met alle persoonlijke mededelingen (overlijdens, zieke gemeenteleden, verhuizingen) als download aanbieden. Het helpt om foto’s te nemen waar veel mensen op te zien zijn. Dan staan individuen minder centraal.</li>
<li><strong>Niet aan gedacht. </strong>Dat kan op twee manieren. Ofwel er is helemaal niet aan gedacht om foto’s van mensen te plaatsen. Ofwel er is niet aan gedacht om foto’s van mensen op te nemen in de basisopmaak van de website. Er zijn bijvoorbeeld wel allerlei digitale fotoalbums van vieringen en gemeenteuitjes, maar in de standaardopmaak van de website zijn alleen gebouwen en voorwerpen te zien.</li>
</ul>
<p>Het laatste punt verraadt dat er een (vastgeroest, onbewust) beeld in de weg zit van wie of wat de kerk is en waaraan de kerk te herkennen is. Lees: een gebouw of een fysieke plek van samenkomst. Maar de Bijbel vertelt dat God zijn kerk bouwt met levende stenen en met Jezus Christus als levende hoeksteen (<a href="http://www.biblija.net/biblija.cgi?m=1+Petr+2%3A4-5&amp;id42=0&amp;id18=1&amp;pos=0&amp;l=nl&amp;set=10">1 Petrus 4-5</a>). Met mensen en niet met dode materie. De kerk is eerst en vooral een geloofsgemeenschap van mensen met een verhaal én met een persoon.</p>
<p>Het plaatsen van foto’s van mensen als welkomstbeeld op deze website is een zichtbare poging om de kerk als gemeenschap van mensen meer op de voorgrond te zetten. Maar, hoe zichtbaar ook, het is nadrukkelijk slechts een eerste stap. Hoe de kerk als gemeenschap van mensen aanwezig kan zijn op internet en van het internet gebruik kan maken is en blijft een zoektocht. Op deze website kunnen gemeenteleden bijvoorbeeld allemaal ‘meebloggen’ en kan iedereen reageren op wat er geplaatst wordt. Maar ontmoet de bezoeker op deze website daarmee ook echt een gemeenschap? De website zou echter nog veel sterker het karakter van een ‘communityplatform’ kunnen krijgen, met bijvoorbeeld persoonlijke profielen. Drie pijlers zijn er om als kerk op internet mee aan de slag te gaan, maar kerken blijven (te) vaak bij de eerste blijven hangen: <em>Zenden</em>, <em>Verbinden</em> en <em>Converseren</em>. Een aantal gedachten daarover verschijnen<em> in mei</em> hieronder (<em>pdf verschijnt half mei 2010</em>). Voel je vrij om mee te denken en mee te praten!</p>
<ul>
<li><span style="color: #999999;"><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/kerk-en-internet/">Kerk en internet</a><br />
</span></li>
<li><span style="color: #000000;"><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-1-wie-is-de-kerk-op-internet/">Stap 1: Wie &#8211; en niet wat &#8211; is de kerk op internet? </a></span></li>
<li><span style="color: #000000;"><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-2-zenden-jezelf-presenteren-op-internet/">Stap 2: Zenden: jezelf presenteren op internet</a></span></li>
<li><span style="color: #999999;"><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-3-verbinden-zichtbare-connecties-met-anderen/">Stap 3: Verbinden: zichtbare connecties met anderen</a> </span></li>
<li><span style="color: #999999;"><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/stap-4-converseren-moeilijk-woord-voor-meekletsen/">Stap 4: Converseren: moeilijk woord voor meekletsen</a></span></li>
<li><span style="color: #999999;"><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/tips-en-links-voor-webmasters">Tips en links voor webmasters</a></span><span style="color: #888888;"><br />
</span></li>
</ul>
<p><a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/feed/"><img class="alignleft size-full wp-image-4120" title="RSS" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/04/rss_green.jpg" alt="" width="16" height="15" /></a> <a href="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/feed/">RSS-Feed</a> om op de hoogte te blijven.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/het-online-gezicht-van-de-kerk/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Gouden Webfish Award 2010</title>
		<link>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/gouden-webfish-award-2010/</link>
		<comments>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/gouden-webfish-award-2010/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 20 Mar 2010 17:09:08 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Martijn Arnoldus</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kerk en internet]]></category>
		<category><![CDATA[Nieuws]]></category>
		<category><![CDATA[vieren]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.luthersekerkhaarlem.nl/?p=3971</guid>
		<description><![CDATA[Daar zit je dan ineens met je eigen gouden kalf. Zaterdagmiddag 20 maart hebben we de Gouden Webfish Award (categorie Plaatselijke kerken) ontvangen tijdens de Kerk &#38; Gemeente Beurs. Een mooie prijs, waarmee we nu een jaar lang een gouden visje op de site mogen laten zwemmen. Moeten we binnenkort toch maar eens wat gaan [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Daar zit je dan ineens met je eigen <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Gouden_kalf_%28Hebreeuwse_Bijbel%29">gouden kalf</a>. Zaterdagmiddag 20 maart hebben we de Gouden Webfish Award (categorie Plaatselijke kerken) ontvangen tijdens de <a href="http://www.kerkengemeente2010.nl">Kerk &amp; Gemeente Beurs</a>. Een mooie prijs, waarmee we nu een jaar lang een gouden visje op de site mogen laten zwemmen. Moeten we binnenkort toch maar eens wat gaan publiceren over onze kijk op kerk &amp; internet. Want ook mankementen aan onze site en zaken waar we zoekend zijn, blijven er voldoende.</p>
<p><a href="www.webfishawards.nl"><img class="alignright size-full wp-image-3973" title="Gouden Webfish 2010" src="http://www.luthersekerkhaarlem.nl/wp-content/uploads/2010/03/gwf2010.png" alt="" width="167" height="116" /></a></p>
<p>Het juryrapport zegt onder meer het volgende: &#8220;In tegenstelling tot veel websites van plaatselijke gemeenten zien we  hier feestelijke foto’s. Er zijn zowaar mensen in beeld! De navigatie  biedt veel mogelijkheden. De site straalt enthousiasme, menselijkheid en  betrokkenheid uit. De site maakt nieuwsgierig naar de kerk die erachter  schuil gaat. De site is in staat zowel jongeren als ouderen aan te  spreken en is in dat opzicht bijna uniek te noemen.&#8221;</p>
<p>We zijn blij om te merken dat termen als &#8216;menselijkheid&#8217; en &#8216;betrokkenheid&#8217; bij de juryleden zijn opgekomen, want dat willen we met de site ook graag uitstralen. We hopen dat we in &#8216;real life&#8217; voldoen aan die online afspiegeling. Onze felicitaties gaan uit naar de <a href="http://www.vbgroningen.nl">Vrije Baptistengemeente Groningen</a> (zilveren Webfish), <a href="http://www.rkkerkjoppe.nl">RK-parochie Joppe</a> (bronzen Webfish) en de drie winnaars in de categorie &#8216;Overig&#8217;: <a href="http://www.domineeworden.nl">domineeworden.nl</a> (goud), <a href="http://www.blikoponeindig.nl">blikoponeindig.nl</a> (zilver) en <a href="http://www.nationalesynode.nl">nationalesynode.nl</a> (brons).</p>
<h3>Over de Webfish Awards</h3>
<p>De <a href="http://www.webfishawards.nl/" target="_blank">Webfish Awards</a> is een initiatief van de IKON, de Protestantse Kerk in Nederland, de  Raad van Kerken en Stichting Leve de Kerk. De awards worden uitgereikt  aan de beste christelijke bijdragen op het internet binnen het  Nederlandse taalgebied. De ingezonden websites worden volgens de website  van de Webfish Awards beoordeeld op de volgende criteria: concept,  inhoud, vormgeving, techniek en gebruikersvriendelijkheid.</p>
<p><a href="http://www.ikonrtv.nl/webfish/">Lees hier het volledige juryrapport »</a></p>
<p><a href="http://www.ekd.de/webfish/webfish.html">Stemmen voor de Webfish bij de oosterburen »</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.luthersekerkhaarlem.nl/gouden-webfish-award-2010/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>10</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

